Systeemtabellen Lokaal plaatsen

(PLTAFD) Afdelingen
Per vestiging moeten in deze tabel de afdelingscodes + omschrijvingen worden gedefinieerd voor de afdelingen die in de kasttabel mogen worden gebruikt.
Een wijziging in de tabel-omschrijving zal (pas) in de nachtverwerking worden doorgezet naar de exemplaren.
| Veld | Uitleg |
|---|---|
|
Code |
3 pos |
|
Omschrijving |
30 posities - de omschrijving wordt voor de kastomschrijving getoond Positie 1-2 (als pos 3 een spatie is) kan apart in de Wisecat+ getoond worden bij gebruik van de tabellen TABMRW en TABMRA, om de verdieping aan te geven (op onderstaand plaatje het '2e' in het 'plectrum').
Zo kun je de lokale situatie duidelijker maken.
De functionaliteit die ervoor zorgt dat de etage, zoals bijvoorbeeld "2e", in het plectrum wordt weergegeven, wordt geactiveerd wanneer er een spatie staat op de derde positie van de omschrijving. Wanneer er geen gebruik wordt gemaakt van etages, kan deze functionaliteit een ongewenst neveneffect hebben. Bijvoorbeeld: als de naam van een afdeling "Op avontuur" is, dan worden de eerste twee karakters, "Op", in het plectrum getoond. Om dit te voorkomen, kun je de spatie op de derde positie vervangen door een non-breaking-space. Gebruik hiervoor de sneltoets Alt + 0160. In de omschrijving blijft dit visueel een gewone spatie, waardoor het niet direct zichtbaar is dat er een non-breaking space is gebruikt. Wil je dit controleren, kopieer dan de omschrijving en plak deze in Word. Activeer vervolgens de instelling "Alles weergeven" met de sneltoets Ctrl + *. Hierdoor worden verborgen tekens zichtbaar.
Doordat de webcats de kastentabellen 24 uur cachen, zal een aanpassing pas na minstens 24 uur in de webcat+ zichtbaar zijn, dus later dan ‘de volgende dag’ of 'na de nachtrun'. |
(PLTOND) Onderverdelingen
Als bij een kast meerdere sorteerbakken of meerdere plekken op de plattegrond nodig zijn kan deze hulptabel worden gebruikt.

Bij de kastcode zelf geef je door een code in rubriek Onderverdeling aan of deze hulptabel aangeroepen moet worden om op grond van een van de volgende mogelijkheden: Hoofdwoord ~ Siso ~ Genre ~ sCat ~ Taal ~ Leeftijdcategorie ( H- G- S- T- L) de juiste sorteerbak of plek vast te stellen.
In deze hulptabel kan dan per vestiging/kast worden opgegeven hoe de gevonden waarde van de ingesteld rubriek moet worden vertaald naar een sorteerbak en/of plek.
| Veld | Uitleg |
|---|---|
|
Vestiging |
de betreffende vestiging |
|
Kastcode |
de kast die gesplitst onderzocht moet |
|
Zoekcode |
max 4 pos, zie uitleg hieronder |
|
Omschrijving |
vrij |
|
Sorteerbak |
2 posities gewenste sorteerbak |
Verwerking
De verwerking is als volgt: Met de opgegeven variant in de kastentabel (H- G- S- T- L) zal Wise onderzoeken of het exemplaar voldoet aan een regel in deze tabel. In het veld 'Zoekcode' kun je een waarde van vier posities invullen. Die vier posities werken alleen bij scats. Voor alle andere mogelijkheden worden zoekwaardes van twee of één posities onderzocht. Bv bij variant H (hoofdwoord) zijn meestal de zoekcodes de losse letters: A, B, C, etc .
Er wordt steeds met een positie minder gezocht. Bij de scats zal dus gezocht worden op de volledige vier posities scat van het exemplaar, geen regel gevonden dan drie posities van de scat, geen regel gevonden dan twee posities, niets gevonden dan een positie.
Bij de andere mogelijkheden zal gestart worden met twee posities, geen regel gevonden dan een positie. Indien in deze tabel geen juiste regel wordt gevonden, zal Wise de sorteerbak danwel plek op grond van de kast zelf teruggeven.
Voorbeeld
Vestiging 1234 heeft drie sorteerbakken (13, 20 en 21) voor de romans. Alle romans (kastcode ROM) mogen in sorteerbak 13, met uitzondering van hoofdwoord A-B en V-Z. Vestiging 1234 zet dan in kast ROM sorteerbak = 13 en in rubriek onderverdeling de H van Hoofdwoord. Zie ook Instellen van lokale plaatsing.
Neem in tabel PLTOND voor iedere letter die niet in sorteerbak 13 moet komen een regel op, om te zorgen dat exemplaren met hoofdwoord A-B en V-Z niet in sorteerbak 13 terecht komen:
- kastcode ROM zoekwaarde A – sorteerbak 20
- kastcode ROM zoekwaarde B – sorteerbak 20
- kastcode ROM zoekwaarde V – sorteerbak 21
- kastcode ROM zoekwaarde W – sorteerbak 21
etc.
Indien gesplitst moet op Hoofdwoord of Scat wordt in het exemplaar zelf gekeken, bij de andere gevallen wordt in de titelbeschrijving gezocht.
(TABPLD) Plaatsingsopmerkingen
De definitie van eventuele aanvullende teksten bij de Muziekindeling in TABSMM (VS8) of de Bladmuziekindeling in TABSBL (etiketmethode VS7).
(TABPLE) Etiket methodes
In systeemtabel TABPLE staan alle etiketmethodes. Hier kunnen de methodes uit- of juist ingeschakeld worden. Alleen de codes met 'In gebruik JA' worden in tabel kastcon aangeboden.
Voor opgave van de exemplaar-velden die bij ieder type etiket betrokken zijn, zie Etiketten en plaatsen.
Bij de standaard-NBD-etiketten horen etiketmethodes:
- JF - VF (JG – VG): (jeugd – volw. fictie Nederlands)
- JFT – VFT (JGT – VGT): (jeugd – volw. fictie + taal van de titel)
- JFO: (jeugd met thema-/ TABPLE vormtrefwoord)
- JP - VP: (jeugd – volw. PIM)
- JS - VS: (jeugd – volw. Siso/muziekindeling)
Voor buitenlandse collecties (bijv. Arabisch of Japans) ook:
- JST – VST: siso + taal van de Titel
- JPT – VPT: pim + taal van de Titel
Voor Waargebeurd exemplaren (alleen bij volwassenen)
- VFW - VSW - VPW: WAAR in het exemplaar, WAAR! op siso of PIM-, of evt. fictie-etiket
dit wordt aan het exemplaar toegevoegd onafhankelijk van titelgegevens! Daardoor alleen efficiënt te gebruiken met een scat op onderwerp 'Waargebeurd' (handmatig WAAR in een exemplaar levert ook het gewenste etiket op, maar dan kan je het etiket niet genereren).
Opbouw etiketmethodes
Alle etiketmethodes zijn op dezelfde manier opgebouwd:
Positie 1
- J: Jeugdgegevens spelen een rol (leeftijdcat. uit de titel wordt bij ex opgeslagen).
- V: Jeugdgegevens spelen geen rol.
- X: De gegevens zijn niet te interpreteren – handmatig – vooral voor bijv. magazijnen met andere dan NBD-etiketten, archieven, musea.
Positie 2
- F: Exemplaren hebben een fictie-etiket.
- G: Identiek als F, maar op het scherm wordt voorafgaand aan het hoofdwoord de omschrijving van het icoontje horend bij het 1e genre gezet - omschrijving wordt gehaald uit tabel TABGEN/GNI (zie Systeemtabellen SCAT beheer).
- S: Exemplaren hebben een siso of (blad)muziekindeling OF gegevens die in rubriek plaatsopm staan (en daardoor op een Siso-etiket zouden passen (muziek, bladmuziek, magazijnetiketten).
- P: Exemplaren hebben een Pim-etiket.
Positie 3
- T: Voor taal (Nederlands wordt genegeerd!), bij fictie, siso- of Pim-etiketten. Voor bijv. een 'Arabische collectie' of 'Hebreeuwse collectie' waarbij 4 posities voor de taal van de publicatie meedoet in de plaatsing. Die taalcode wordt gezocht in tabel Titels en SCATbeheer > Titels > Systeemtabellen > (TABL21) Taal titel (MARC21)) > veld 'Taal romans'.
- O: Voor Onderwerpen uit de Thema-/Vormtrefwoordenthesaurus. Deze worden geleverd bij Peuter- en Kleutertitels
- W: Voor de tekst WAAR in de exemplarenrubriek nivo en WAAR! op het rugetiket (alleen bij Volw.-methodes omdat de jeugd op deze plek al Leeftijd heeft).
- <leeg>: Voor siso-/pim-/muziek indeling en voor Nederlandstalige fictie
Speciale gevallen: reeksen en muziek
- VS7: bladmuziekindeling uit TABSBL + omschr uit TABPLD of TABSBL zelf
- VS8: muziekindeling uit TABSMM + omschr uit TABPLD of TABSMM zelf
- VSC: CDR-bestelnr in de plaatsing (etiketten met stylesheet cd-label_cdr...)
- JSR/VSR: serietitel + serienummer
Etiketmethodes startend met B
Positie 1
- B specifiek voor België
Positie 2 en 3
- AV: Exemplaren hebben een etiket met alleen het leesniveau (AVI) vermeld
- GJ: Exemplaren hebben een fictie-etiket, maar op het scherm wordt voorafgaand aan het hoofdwoord de omschrijving van het icoontje horend bij het eerste genre gezet - omschrijving wordt gehaald uit tabel TABGNJ zie Scatbeheer) en bij de exemplaren spelen de jeugdgegevens een rol.
- GV: Exemplaren hebben een fictie-etiket, maar op het scherm wordt voorafgaand aan het hoofdwoord de omschrijving van het icoontje horend bij het 1e genre gezet - omschrijving wordt gehaald uit tabel TABGEN/TABGNI (zie Scatbeheer) en bij de exemplaren spelen de jeugdgegevens geen rol.
- BH1: Alleen de eerste letter van het hoofdwoord komt op het etiket.
- BHT: Hoofdwoord en taal komen op het etiket.
- MN: Exemplaren hebben een muziekindeling volgens NBLC indeling.
- MV: Exemplaren hebben een muziekindeling volgens Vlacc indeling.
- RK: Exemplaren hebben een etiket uit de TABSER.
- SJ: Exemplaren hebben een siso of (blad)muziekindeling OF gegevens die in rubriek plaatsopm staan (en daardoor op een Siso-etiket zouden passen (muziek, bladmuziek, magazijnetiketten) en de jeugdgegevens spelen een rol.
- SV: Exemplaren hebben een siso of (blad)muziekindeling OF gegevens die in rubriek plaatsopm staan (en daardoor op een Siso-etiket zouden passen (muziek, bladmuziek, magazijnetiketten) en de jeugdgegevens spelen geen rol.
- ZJ: Exemplaren hebben een zizo etiket uit CLS93 (zie Scatbeheer).
- ZK: Exemplaren hebben een zizo etiket uit CLS92 (zie Scatbeheer).
- ZV: Exemplaren hebben een zizo etiket uit CLS94 (zie Scatbeheer).
Etiketmethodes startend met U
Etiketmethodes speciaal voor de US ontwikkeld.
Positie 1
- U specifiek voor US
Positie 2 en 3
- FJ: Fictie exemplaren voor de jeugd - geen hoofdwoord op het etiket .
- FV: Fictie exemplaren - geen hoofdwoord op het etiket.
- DJ: Exemplaren voor de jeugd hebben een dewey-indeling - geen hoofdwoord op het etiket.
- DV: Exemplaren hebben een dewey-indeling - geen hoofdwoord op het etiket.
(TABPMT) Plaatsing ontvangen materialen
Het doel van deze tabel is om aan te kunnen sturen dat nieuw ontvangen materialen tijdelijk afwijkend worden geplaatst.
- Code = 6 pos
- Pos 1-4 Vestigingsnummer (VVVV)
- Pos 5-6 RMT-materiaalcode
- Omschrijving 30 pos.
- Tijdelijke kast 3 pos
De opgegeven kastcode moet als tijdelijke kast zijn opgenomen in de kastentabel van de betreffende vestiging. Hiermee zal een exemplaar tijdens het koppelen met bestelbestanden in de hier opgegeven tijdelijke kast geplaatst worden.
(TABMRW) Marketing Werelden

Als onderdeel van de Marketingmodule Plus (onder licentie) wordt een aantal nieuwe rapporten en tellingen toegevoegd om het leengedrag van klanten te kunnen analyseren bij het gebruik van een werelden-indeling van de materialen in de bibliotheek.
Hiervoor moet op systeem-niveau een (algemene) wereldindeling worden vastgelegd. Elke wereld kan worden onderverdeeld in afdelingen (zie Marketing Afdelingen). Per bibliotheek moet per kast worden vastgelegd in welke wereld/afdeling de kast moet worden opgenomen.
Voor gebruikers van de Marketingmodule Plus zal maandelijks (op basis van de laatste twaalf maanden) per klant worden bepaald in welke wereld/afdeling een klant leent. Op basis hiervan zal per klant een klantlabel voor de primaire wereld, de secundaire wereld en de tertiaire wereld worden bepaald. Gebruik van deze tabel is voorbehouden aan gebruikers van de Marketingmodule Plus.
Elke wereld moet een code krijgen van 001 t/m 999. Letters of andere tekens zijn niet toegestaan.
Vanaf versie 8.0.5 bestaat een code uit 3 cijfers. Alle bestaande marketingwerelden en -afdelingen krijgen een 1 als voorloop.
Per wereld kan daarnaast een kleurcode in hexadecimalen worden opgegeven. Deze wordt door OCLC Wise gebruikt om in de Webcat de werelden, inclusief de bijbehorende afdelingen, in een specifieke kleur te presenteren.
(TABMRA) Marketing Afdelingen
Zie ook (TABMRW) Marketing Werelden. Per wereld uit de TABMRW-tabel moeten een of meerdere afdelingen worden gedefinieerd. Elke afdeling moet een code/nummer krijgen met een waarde 001 t/m 999, letters of andere tekens zijn niet toegestaan. Vanaf versie 8.0.5 bestaat een code uit 3 cijfers. Alle bestaande marketingwerelden en -afdelingen krijgen een 1 als voorloop.
Voor gebruikers van de Marketingmodule Plus zal maandelijks (op basis van de laatste 12 maanden) per klant worden bepaald in welke afdelingen een klant leent. Op basis hiervan zal per klant een klantlabel voor de afdelingen worden gemaakt waarin wordt geleend. Hierbij zal voor maximaal 10 afdelingen (de top-10) een label worden gemaakt. Gebruik van deze tabel is voorbehouden aan gebruikers van de Marketingmodule Plus
De relatie tussen een Marketing-afdeling en een lener wordt gemaakt op basis van de kast waar het exemplaar stond op het uitleenmoment. Per kast moet hiervoor worden opgenomen in welke (marketing)afdeling een kast moet worden opgenomen.
Nadat deze marketingafdeling in de kastentabel bij de betreffende kast is opgenomen, kan de Wisecat+ deze gebruiken in plaats van de afdelingsomschrijving in tabel PLTAFD.

Een eventuele verdiepingsaanduiding in de afdelingstabel kan als extraatje (in het plectrum) worden getoond (positie 1-2 van de PLTAFD-tabel als positie 3 een spatie is). Zie ook (PLT) Plaatsen / kasten en (PLTAFD) Afdelingen.
Indien deze manier om werelden in de webcat te tonen gewenst is kunt u contact opnemen. Uw Webcat moet hiervoor namelijk wel eerst geschikt gemaakt worden.
Het is overzichtelijk om in dat geval dezelfde numerieke codes in tabel AFD (afdeling) te gebruiken.
(TABNAV) Navigatieschema soorten
Dit onderdeel wordt niet meer ondersteund sinds versie 8.0.5
Navigatieschema's
Dit onderdeel wordt niet meer ondersteund sinds versie 8.0.5



